Een LEI-nummer kan verplicht zijn wanneer een organisatie financiële instrumenten koopt of verkoopt, een derivatencontract aangaat of onder een financiële rapportageverplichting valt. De precieze verplichting hangt af van de organisatie, de transactie en de regelgeving die daarop van toepassing is.
Een LEI is een wereldwijd unieke identificatiecode voor juridische entiteiten. Niet iedere Nederlandse onderneming heeft er automatisch een nodig. Ook betekent het feit dat een organisatie voor een LEI in aanmerking komt niet dat zij wettelijk verplicht is er een aan te vragen.
Heeft uw bank, broker of vermogensbeheerder al bevestigd dat uw organisatie een LEI nodig heeft? Dan kunt u de registratie online via LEI24 regelen.
De LEI-verplichting is meestal gekoppeld aan een financiële transactie of rapportage. De rechtsvorm van de organisatie is daarbij relevant, maar bepaalt niet zelfstandig of een LEI verplicht is.
| Situatie | Relevante regel of context | Wat moet u controleren? |
|---|---|---|
| Een juridische entiteit koopt of verkoopt financiële instrumenten | MiFID II en MiFIR | Of de cliënt voor een LEI in aanmerking komt en de dienst of transactie onder de rapportageplicht valt |
| Een organisatie sluit een derivatencontract af | EMIR | Of de organisatie als tegenpartij in de rapportage moet worden geïdentificeerd |
| Een organisatie sluit een effectenfinancieringstransactie af | SFTR | Of de transactie en de rol van de organisatie onder SFTR vallen |
| Een organisatie dient zelf een gereguleerde financiële rapportage in | De toepasselijke sector- of rapportageregels | Welke entiteit moet worden geïdentificeerd en of de LEI actueel moet zijn |
| Een organisatie heeft geen relevante financiële activiteit | Geen algemene LEI-plicht | Of een andere sectorspecifieke regel of voorwaarde van een financiële instelling geldt |
Deze tabel geeft de meest voorkomende situaties weer. Voor de uiteindelijke beoordeling zijn de specifieke transactie en de rol van uw organisatie bepalend.
Europese financiële regels gebruiken de LEI om juridische entiteiten consequent te identificeren. De verplichting kan daarom ontstaan bij verschillende soorten transacties en rapportages.
Een bank of beleggingsonderneming moet juridische entiteiten kunnen identificeren in transactierapportages onder MiFID II en MiFIR. Wanneer een organisatie voor een LEI in aanmerking komt en een transactie onder deze rapportageplicht valt, moet de financiële dienstverlener vóór het uitvoeren van de relevante dienst over de LEI van de cliënt beschikken. Dit kan bijvoorbeeld gelden wanneer een organisatie aandelen, obligaties, futures of opties koopt of verkoopt. De verplichting geldt niet automatisch voor iedere onderneming met een bankrekening of voor iedere financiële handeling.
Onder EMIR worden partijen bij derivatencontracten met een LEI geïdentificeerd. Dit kan betrekking hebben op onder meer opties, futures, swaps en valutatermijncontracten.
Welke partij de rapportage indient, hangt af van de betrokken tegenpartijen en de toepasselijke regels. Ook wanneer een bank of andere partij de rapportage verzorgt, kan de LEI van uw organisatie nodig zijn om haar correct als tegenpartij te identificeren.
SFTR stelt rapportageverplichtingen voor bepaalde effectenfinancieringstransacties. Voorbeelden zijn repotransacties, het uitlenen van effecten, buy-sell back-transacties en bepaalde vormen van margin lending.
Wanneer uw organisatie als tegenpartij betrokken is bij een rapportageplichtige transactie, kan een geldige LEI nodig zijn voor de identificatie in de rapportage.
LEI’s worden ook gebruikt om verschillende professionele partijen op financiële markten te identificeren. Dat geldt onder meer voor beleggingsondernemingen, exploitanten van handelsplatformen, goedgekeurde rapporteringsmechanismen en uitgevende instellingen.
Ook in bepaalde rapportages van geldmarktfondsen en andere gereguleerde instellingen worden LEI’s gebruikt. De precieze verplichting verschilt per sector, entiteit en rapportage.
Een bepaalde rechtsvorm maakt een LEI niet automatisch verplicht. De verplichting ontstaat pas wanneer de organisatie een relevante financiële activiteit verricht of onder een toepasselijke rapportageregel valt.
| Rechtsvorm of situatie | Automatisch verplicht? | Wat bepaalt de verplichting? |
|---|---|---|
| BV of NV | Nee | De financiële activiteit, transactie en rapportageregel |
| Stichting of vereniging | Nee | Of de organisatie relevante financiële instrumenten verhandelt of onder een rapportageplicht valt |
| VOF, CV of maatschap | Nee | Of de structuur voor een LEI in aanmerking komt en bij een relevante transactie of rapportage betrokken is |
| Eenmanszaak of ZZP | Nee | Of de persoon in een zakelijke hoedanigheid voor een LEI in aanmerking komt en de activiteit een LEI vereist |
| Particulier die privé belegt | Doorgaans niet | Voor natuurlijke personen worden binnen de toepasselijke regels andere identificatiemiddelen gebruikt |
Een stichting die via een zakelijke effectenrekening belegt, kan dus een LEI nodig hebben, terwijl een BV zonder relevante financiële transacties niet automatisch onder een LEI-verplichting valt.
Bij structuren zonder rechtspersoonlijkheid en personen die als ondernemer handelen, beoordeelt de LEI-uitgever of de aanvrager voor een LEI in aanmerking komt.
Organisatienamen kunnen op elkaar lijken, veranderen of in verschillende registers anders worden geschreven. Een LEI koppelt één unieke code aan gecontroleerde gegevens over de juridische entiteit.
Hierdoor kunnen banken, beleggingsondernemingen en toezichthouders vaststellen welke organisatie bij een transactie of rapportage betrokken is. Dit ondersteunt consistente rapportage en helpt financiële risico’s en marktactiviteiten beter te volgen.
Wanneer een LEI voor een specifieke transactie verplicht is, kan een bank, broker of beleggingsonderneming de relevante dienst mogelijk niet uitvoeren zolang de LEI ontbreekt.
Dit betekent niet dat een organisatie zonder LEI geen enkele financiële dienst kan gebruiken. De beperking geldt voor de transacties en diensten waarvoor de financiële instelling de juridische entiteit met een LEI moet identificeren.
Heeft uw bank aangegeven dat een LEI nodig is? Vraag het nummer dan aan voordat u de betreffende transactie wilt uitvoeren. De aanvraag moet eerst worden gecontroleerd en verwerkt.
De gegevens in een LEI-record worden tijdens de jaarlijkse verlenging opnieuw gecontroleerd. Wanneer de verlenging niet vóór de volgende verlengingsdatum plaatsvindt, krijgt het record de status LAPSED.
De LEI-code blijft dan bestaan, maar de geplande periodieke controle is achterstallig. Organisaties met een eigen rapportageverplichting moeten hun LEI actueel houden wanneer de toepasselijke regels een actuele LEI vereisen. Ook een bank of beleggingsonderneming kan voor een bepaalde transactie verlangen dat het record actueel is.
Is de verlengingsdatum verstreken of bijna bereikt? Via LEI24 kunt u de bestaande registratie opnieuw laten controleren en verlengen. Er wordt daarbij geen nieuw LEI-nummer aangemaakt.
Controleer de volgende punten om te bepalen of er mogelijk een LEI-verplichting geldt:
Uw bank, beleggingsonderneming, vermogensbeheerder of financieel adviseur kan aangeven welke identificatie nodig is voor de voorgenomen transactie. Bij een sectorspecifieke rapportageverplichting kan ook overleg met de relevante complianceadviseur of toezichthouder nodig zijn.
Voordat u een nieuwe aanvraag start, is het verstandig om te controleren of er al een LEI aan uw organisatie is toegewezen. Zoek met de officiële organisatienaam of het bestaande LEI-nummer in de zoekfunctie van LEI24.
Bestaat er nog geen LEI en is bevestigd dat uw organisatie er een nodig heeft? In onze uitleg over de aanvraagprocedure vindt u welke gegevens kunnen worden gevraagd en hoe de controle verloopt.
LEI24 begeleidt de aanvraag als registratieagent. Onze partner Nasdaq CSD SE controleert de gegevens en geeft het LEI-nummer uit.